Passage-School

Denkkapvormen1   Denkkapvormen

De Leraar: De hoed staat bij ons symbool voor het denken en als een mens in zijn bewustzijnsontwikkeling in de blauwe trilling zit, dan heeft hij ‘een blauwe hoed’ op.

Dat betekent dat het denken is doordrenkt met de blauwe trilling, waardoor de mens op een bepaalde manier met zichzelf en de wereld om hem heen omgaat.
Maar het is de bedoeling dat de mens zich ervan bewust wordt hoe zijn denkkap werkt, hoe zijn hoed eruit ziet.
Zo is het bij de één een stijve hoge blauwe hoed, bij de ander een soort slaapmuts, of iemand heeft een narrenkap op en ga zo maar door, maar ze zijn allemaal blauw. Dit betekent dat de grondtoon van ieders gedachten in de blauwe trilling staat, maar dat ieders invulling heel persoonlijk is.
 
Zo kan iemand met een cowboyhoed rondlopen en de persoon die zich hiertoe aangesproken voelt ervaart de wereld als een troosteloze woestenij. Hij heeft het gevoel dat hij alleen moet opboksen tegen alle stromingen om hem heen.

De mens met het keppeltje op probeert in alles regeltjes te ontdekken, is altijd op zoek naar de waarheid binnen regels.

Het Tiroler hoedje is op zoek naar vrijheid, heeft geen contact met de aarde onder zich, wil alleen maar de berg op, wil de top bereiken.

De mens met een hoge hoed op, stijf in de plooi, zal in zijn leven steeds opnieuw situaties uitkiezen die voor hem herkenbaar zijn. Hij weet dan waar hij aan toe is, weet van etiquette, weet van sociale regels.

Iemand met een narrenkap op probeert overal de draak mee te steken, durft er niet voor uit te komen dat hij een geestelijk wezen is en wanneer het zo ter sprake komt probeert hij via een grapje, via humor, daar onderuit te komen. 

De mens met de slaapmuts sust zich steeds in slaap, durft niet te luisteren naar de impulsen die hij voelt, durft niet te luisteren naar zijn dromen.

Wanneer iemand een helm draagt, denkt hij zichzelf steeds te moeten beschermen. Hij kan zich verstoppen in die grote helm en laat het licht niet binnen.

Iemand met een koksmuts op ervaart zijn eigen ‘zijn’ in het eten, in het drinken, in de roes.

En de mens met een heksenhoed is op zoek naar uitingen van zijn geestelijk-zijn. Hij probeert in zijn handelen het magische naar voren te laten komen.

Denkkapvormen3

 

En … zat er een hoedje voor u bij?